KWEETET / PRAKTISCHE KENNIS

Toegankelijk werken
met Adobe InDesign

Sterke vormgeving. Een bruikbaar document.

Een brochure, rapport of magazine kan er goed uitzien én toegankelijk zijn. Leg de structuur vast in InDesign en controleer vervolgens wat daarvan in de PDF terechtkomt.

Ontwerp de leeservaring én de documentstructuur. Beide horen bij een goede publicatie.

Checklist voor je werk

Vink af wat je hebt gecontroleerd. Je keuzes blijven alleen zichtbaar zolang deze pagina geopend is. Deze korte lijst is geen volledige toets.

Controlepunten

Alineastijlen en exporttags

Geef tekst een inhoudelijke rol, naast de visuele opmaak.

Zo pak je het aan

  • Werk met alineastijlen en koppel deze via Export Tagging aan passende PDF-tags.
  • Gebruik H1, H2 en verdere niveaus volgens de koppenstructuur; gewone alinea’s krijgen P.
  • Controleer dat de PDF-koppeling klopt, ook als EPUB- of HTML-tags al zijn ingesteld.

Groot is niet automatisch een kop

Een groot citaat is niet vanzelf een hoofdstuktitel. Een kleine tussenkop kan juist wel een kopfunctie hebben.

Leesvolgorde en Artikelen

De positie op de pagina vertelt niet vanzelf hoe de inhoud moet worden gelezen.

Zo pak je het aan

  • Orden de inhoud met het deelvenster Artikelen (Articles).
  • Controleer dat de bedoelde inhoud is opgenomen en de artikelvolgorde voor de PDF wordt gebruikt.
  • Loop de volgorde in de geëxporteerde PDF na, vooral bij kolommen en losse kaders.

Lees het verhaal zonder de opmaak

Staat een kader tussen twee alinea’s, of hoort het pas na het hoofdstuk? Kies bewust waar de lezer de aanvullende uitleg tegenkomt.

Afbeeldingen en verankering

Een beeld heeft een betekenis én een plek in het verhaal.

Zo pak je het aan

  • Voeg een passende alt-tekst toe via Object Export Options.
  • Veranker een beeld waar nodig in de tekststroom.
  • Licht complexe beelden ook toe in gewone tekst, lijsten of tabellen.

Bij elkaar in de leesvolgorde

Een grafiek op de rechterpagina kan horen bij tekst op de linkerpagina. Controleer of uitleg, beeld en bijschrift ook in de PDF logisch op elkaar volgen.

Decoratie en artefacten

Niet elk zichtbaar element draagt inhoud over.

Zo pak je het aan

  • Behandel zuiver decoratieve elementen als artefacten: onderdelen buiten de inhoudelijke tagstructuur.
  • Houd betekenisvolle tekst en beelden juist in de structuur.
  • Controleer terugkerende kop- en voetteksten en elementen van stramienpagina’s na export.

Versiering of informatie?

Een sierlijn kan decoratie zijn. Een lijn die twee onderdelen van een schema verbindt, kan een betekenisvol verband aangeven.

Tabellen en lijsten

Maak de gegevensstructuur onderdeel van het bronbestand.

Zo pak je het aan

  • Gebruik echte tabellen en de functies voor opsommingen en nummering.
  • Stel tabelkoppen in en houd de tabelstructuur eenvoudig.
  • Controleer na export de kopcellen, gegevenscellen en lijststructuur.

Geen tabel van losse kaders

Losse tekstkaders die netjes onder elkaar staan, vormen technisch nog geen gegevenstabel. Bouw de relaties tussen rijen en kolommen ook structureel op.

Kleur, tekst en contrast

Maak een ontwerp dat ook zonder kleur en bij vergroting begrijpelijk blijft.

Zo pak je het aan

  • Gebruik voldoende contrast en voeg labels toe aan kleurcoderingen.
  • Behoud echte tekst; vermijd tekst als afbeelding of omgezette lettercontouren.
  • Controleer kleine tekst, bijschriften en tekst op beeld extra zorgvuldig.

Benoem de betekenis

Schrijf bij een status bijvoorbeeld “In behandeling”. Alleen een oranje vlak is voor veel lezers onvoldoende informatie.

Titel en taal

Documentgegevens moeten aansluiten op de inhoud.

Zo pak je het aan

  • Vul een betekenisvolle documenttitel in bij de bestandsinformatie.
  • Stel de taal van tekst en stijlen in en let op anderstalige passages.
  • Controleer titel en documenttaal opnieuw in de PDF.

Herkenbaar na het openen

Een titel als “Jaarverslag 2026” helpt meer dan een interne productienaam als “JV26_opmaak_def3”.

VAN OPMAAK NAAR PUBLICATIE

Exporteer een PDF met structuur.

  1. Controleer stijlen, inhoud, leesvolgorde en tekstalternatieven in het bronbestand.
  2. Gebruik de PDF-export en schakel het maken van een getagde PDF in. De benaming en plaats van opties verschillen per versie en exporttype.
  3. Neem de benodigde hyperlinks en bladwijzers mee in de exportinstellingen.
  4. Open het resultaat en controleer de structuur en bediening.

Een drukwerkpreset is niet automatisch geschikt voor een toegankelijke digitale publicatie. Alleen de aanwezigheid van tags is ook onvoldoende: de tags moeten de inhoud correct beschrijven.

BEOORDEEL HET RESULTAAT

Controle na export hoort erbij.

Controleer in Acrobat Pro of een andere geschikte omgeving de tagstructuur, leesvolgorde, titel en taal. Loop ook afbeeldingen, tabelkoppen, lijsten en links na.

Combineer automatische controles met handmatige beoordeling. Een controletool kan bijvoorbeeld niet volledig vaststellen of een alt-tekst de boodschap goed overbrengt. Ook een geslaagde InDesign-preflight is geen volledige toegankelijkheidstoets.

Herstel terugkerende fouten bij voorkeur in het bronbestand. Leg noodzakelijke nabewerking in de PDF vast, zodat deze na een nieuwe export opnieuw wordt uitgevoerd en gecontroleerd.

Hulp bij PDF-onderzoek en herstel

VOORKOM HERSTELWERK

Maak afspraken vóór de opmaak.

  • Wie bepaalt de koppenstructuur en schrijft de tekstalternatieven?
  • Welke tabellen en visualisaties vragen om een aanvullende uitleg?
  • Wie controleert het bronbestand en wie beoordeelt de PDF?
  • Welke exportinstellingen en nabewerkingen worden vastgelegd?
  • Wat wordt opnieuw gecontroleerd na een inhoudelijke wijziging?

Test vroeg een representatief hoofdstuk met bijvoorbeeld een tabel, grafiek en kader. Zo ontdek je problemen voordat de hele publicatie is opgemaakt.

Advies over het bronbestand

Verder lezen

VAN BRONBESTAND TOT PDF

Maak je publicatie
toegankelijk.

Een vraag over de opbouw, het exportresultaat of de samenwerking met je vormgever? Ik denk met je mee.